![]() | ![]() | |
| Home > Home > Nieuws | ||
|
Zoeken
BEZOEKADRES
Burgemeester Daleslaan 23 POSTADRES Postbus 9015 6500 GS Nijmegen TELEFOON (024) 365 8736 FAX
(024)365 8744 info@kdcn.nl
| Nieuws
Start jong-volwassenenspreekuur
Vanaf 1 januari 2012 opent het KDCN een speciaal spreekuur voor jong volwassenen waarbij de kinderarts, internist en (kinder) diabetesverpleegkundigen nauw samenwerken. Internisten en diabetesverpleegkundigen uit het Canisius Wilhelmina ZIekenhuis en UMC St Radboud zijn intensief betrokken bij dit spreekuur.
Waarom een speciaal poliklinisch spreekuur voor jong volwassenen met diabetes? Uit het
verleden hebben we geleerd dat veel jong volwassenen de stap naar de internist
moeilijk vinden. Dit blijkt uit het feit dat een aantal jongeren geen afspraak
maakt bij de internist of de afspraken bij de internist niet goed nakomt.
Mogelijk heeft dit te maken met de levensfase waar jong volwassenen in zitten
of omdat de internist onvoldoende aansluit bij het verwachtingspatroon. Ketoacidose bij kinderen na late diagnose van diabetes mellitus type 1 Hilde van Munster, Kees Noordam, Paul Voorhoeve en Janiëlle van Alfen-van der Velden
In het artikel ‘Ketoacidose bij kinderen na late diagnose van diabetes mellitus type 1’ dat op 8 oktober jl. in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde is verschenen beschrijven wij de signalen van diabetes mellitus type 1 bij kinderen en maken wij duidelijk dat het belangrijk is de diagnose op tijd te stellen. Bij kinderen die zich voor het eerst presenteren met diabetes mellitus type 1 duurt het namelijk vaak een tijdje voordat de juiste diagnose gesteld wordt. Door deze vertraging kan het tekort aan insuline zo groot worden dat er een diabetische ketoacidose (of diabetescoma) ontstaat. Wij beschrijven in dit artikel drie jongens die naar hun huisarts gaan omdat ze veel moeten plassen en veel drinken. De verschillende huisartsen stellen op dat moment de diagnose ‘diabetes mellitus type 1’ niet en sturen de patiënten naar huis. Enkele dagen later worden de kinderen opgenomen in het ziekenhuis met een diabetische ketoacidose. Wij vinden dat er altijd een vingerprik gedaan moet worden door de huisarts wanneer kinderen zich presenteren met klachten van veel plassen, veel drinken en gewichtsverlies. Als dan uit de vingerprik blijkt dat er sprake is van een hoge bloedsuiker, moet de huisarts het kind diezelfde dag nog naar een kinderarts verwijzen om een diabetische ketoacidose te voorkomen. Voor meer informatie kunt u gaan naar www.ntvg.nl/publicatie/Ketoacidose-bij-kinderen-na-late-diagnose-van-diabetes-mellitus-type-1/abstract. Hier vindt u een (Engelstalige) abstract van ons artikel. Van Munster HE, Noordam C, Voorhoeve PG, Van Alfen-van der Velden AA. Ketoacidose bij kinderen na late diagnose van diabetes mellitus type 1. Ned Tijdschr Geneeskd 2011; 155: A3039 Huidproblemen bij kinderen met diabetes mellitus type 1 Hilde van Munster, Cathelijne van de Sande en
Janiëlle van Alfen-van der Velden Tijdens het jaarlijkse congres van de Nederlandse
Vereniging voor Kindergeneeskunde (www.nvk.nl)
van 2 november jl. hebben wij een posterpresentatie gehouden over huidproblemen
bij kinderen met diabetes mellitus type 1. Bij deze kinderen komen er veel huidproblemen voor
rondom de plaatsen waar insuline wordt toegediend, denk bijvoorbeeld aan
lipohypertrofie (bulten), lipohypotrofie (deuken) en roodheid. Toch is er maar
weinig onderzoek naar deze problemen gedaan. Daarom onderzoeken wij hoe vaak
deze huidproblemen voorkomen en welke risicofactoren er zijn voor het ontstaan
ervan. Daarvoor bekijken we de huid van alle kinderen met diabetes type 1 wanneer ze naar het KDCN komen en hebben we een vragenlijst gemaakt om andere gegevens te verzamelen. Tot nu toe hebben we de gegevens verzameld van 177 kinderen en zagen we dat lipohypertrofie en roodheid bij ongeveer 30% van de kinderen voorkwam en lipohypotrofie bij ongeveer 10%. We zagen meer lipohypertrofie bij kinderen die spuiten, maar meer roodheid bij kinderen met een pomp. Als een kind al eerder een huidinfectie had gehad was er ook vaker sprake van roodheid. Bij kinderen met een pomp was er meer roodheid wanneer het setje te vaak op dezelfde plaats werd ingebracht. Bij kinderen die spuiten was er meer lipohypertrofie en lipohypotrofie wanneer er te vaak op dezelfde plek werd gespoten.
“Possibilities for prevention of diabetes and its complications” ISPAD congres, oktober 2011, Miami Beach, Florida, United States Vanuit het KDCN zijn wij dit jaar afgevaardigd naar het
jaarlijkse, internationale congres over diabetes bij kinderen en jongeren
(congres van de International Society for Pediatric and Adolesent Diabetes
(ISPAD)). Wij geven hier graag een samenvatting van. Eén van de
belangrijkste onderwerpen betrof wel de recente ontwikkelingen met betrekking
tot de continue glucose meting (CGM). Ervaringen omtrent het gebruik van CGM
werden gedeeld en natuurlijk werd er gesproken over ‘closing the loop’. Dit wil
zeggen, hoe kunnen de CGM waarden gekoppeld worden aan de insulinepomp zodat
deze automatisch de juiste hoeveelheid insuline afgeeft waardoor bolussen,
tijdelijke basaalstand ed. overbodig wordt. Voor deze ‘closed loop behandeling
’ moeten we nog even geduld hebben omdat er nog hard gewerkt dient te worden
aan een goed rekenkundig model om deze behandeling veilig en nauwkeurig toe te
kunnen passen. Maar de eerste resultaten in ‘proef-patiënten’ zijn hoopgevend. Verder werd gesproken over de stand van zaken met betrekking
tot mogelijke genezing van diabetes (bijvoorbeeld eilandjes transplantatie) of
nieuwe ondersteunende behandelingsmogelijkheden (bijvoorbeeld leptine
behandeling). Ook werden ideeën op het gebied van preventie van diabetes
(bijvoorbeeld door middel van vaccinatie of voeding) bediscussieerd. Er wordt
in dit veld veel werk verzet en de resultaten zijn hoopvol, echter het
voorkomen of genezen van diabetes mellitus type 1 ligt op de korte termijn nog
niet binnen onze mogelijkheden. Zoals uit de titel van het congres blijkt, waren er een
aantal presentaties over preventie en diagnostiek van diabetische complicaties.
Mogelijkheden voor screening op risicofactoren voor de ontwikkeling van complicaties
werden uitgelicht. Wij beseffen dat we wij binnen het KDCN al een uitgebreid
screeningsprogramma voorhanden hebben maar zien mogelijkheden tot verbetering
naar aanleiding van de presentaties. Er was veel aandacht voor kwaliteit van leven bij kinderen en jongeren met diabetes en hun ouders. Een nieuwe ontwikkeling hierin is de webbased behandeling en begeleiding. Deze blijkt succesvol in verschillende studies. Wij delen deze mening gezien onze eigen ervaringen met ‘Suikerplein’ . Wij hebben nieuwe suggesties voor verbetering van onze webbased behandeling aangereikt gekregen op dit congres. Een aantal symposia werden gewijd aan transitie van zorg
voor jongeren met diabetes mellitus. Dit onderwerp heeft onze speciale belangstelling
omdat we per 1 januari 2012, samen met de internisten van het CWZ/UMC St
Radboud, gaan starten met een transitieprogramma voor onze jongeren. Het
uitwisselen van ervaringen met betrekking tot dit onderwerp was daarom een
welkome aanvulling op onze eigen plannen. Naast diabetes mellitus type 1 werd ook aandacht besteed aan
type 2 diabetes. Deze vorm van diabetes komt in Nederland nog niet zo vaak voor
bij kinderen, maar het aantal kinderen met diabetes mellitus type 2 stijgt ook
bij ons met de jaren in verband met een toenemend aantal kinderen met
overgewicht en onvoldoende beweging. Er werd gesproken over preventie en
behandeling van diabetes mellitus type 2
bij kinderen. Tot slot, was er aandacht voor diabeteszorg voor kinderen in ontwikkelingslanden. Vanuit de ISPAD worden samenwerkingsverbanden opgericht om deze zorg te verbeteren. Doodsoorzaak nummer één voor kinderen in de derde wereld met diabetes is een gebrek aan insuline. De symposia over dit onderwerp staan in schril contrast met de presentaties over CGM, webbased behandeling en type 2 diabetes ten gevolge van overgewicht. Wij hebben een heel inspirerend congres gehad met veel vooraanstaande, internationale sprekers. Daarnaast was er volop de mogelijkheid om ervaringen te delen met collega’s van binnen – en buitenland en kennis te maken met internationale autoriteiten op het gebied van de kinderdiabeteszorg. Tot slot, hebben we - tussen de presentaties door- kunnen genieten van de stranden en palmbomen van Miami Beach. Het was een bijzondere ervaring, die mede mogelijk werd gemaakt door Roche.
Cathelijne van de Sande, kinderdiabetes verpleegkundige Janielle van Alfen, kinderarts-endocrinoloog.
7 juni 2011 Op 25 mei organiseerde het KDCN een landelijk symposium over diabeteszorg bij kinderen. Het symposium was druk bezocht met onder andere kinderartsen, diabetesverpleegkundigen, psychologen en diëtisten vanuit het hele land. Het programma was zeer gevarieerd, waarbij het kind met
diabetes centraal stond. Zo waren er groepssessies over de stand van zaken met
betrekking tot nieuwe ontwikkelingen en erfelijkheid. Maar ook de
psychologische ondersteuning van jongeren met diabetes kwam uitgebreid aan bod.
Tussendoor vonden workshops plaats over
bijvoorbeeld continue bloedsuikermeting en nieuwe pompen, het diabetesspel
dat gebruikt wordt tijdens onze groepsconsulten en onze interactieve
behandelmethode via internet (Suikerplein). Tijdens de lunch hebben we flink koolhydraten geteld en gerekend aan de insuline onder toeziend oog van de diëtisten. Naast het informatieve en educatieve karakter van het symposium was kennisuitwisseling tussen verschillende kinderdiabetesteams vanuit het hele land een belangrijk doel van het symposium. De ontspannen en open sfeer gaf hiertoe uitgebreid gelegenheid. Wij danken alle participanten voor hun actieve deelname, mede dankzij hun aanwezigheid kunnen we terugkijken op een geslaagd symposium! Namens het hele KDCN-team. Janiëlle van Alfen Voor een overzicht van de presentaties klik hier.....
30 mei 2011 |
Nieuwsladder:
|
© 2012 KDCN | ||